Sta ‘aan’ als het over dwingende controle gaat!

Mijn persoonlijke reis om te komen tot het rapport dwingende controle.

Ik neem jullie even mee naar november 2024; met enthousiasme stort ik mij op het opstarten van mijn opdracht voor het ministerie met als titel:’ praktijkverbetering psychisch geweld’. De lange aanloop van aanbesteding en ook twijfelen hoe realistisch mijn offerte nu was, is eindelijk achter de rug. De opstart is, zo vlak voor het kerstreces, altijd extra ingewikkeld, maar zowaar ontstond er een groep van betrokken collega’s van politie, Openbaar Ministerie, Veilig Thuis, Raad voor de Kinderbescherming, reclassering maar ook van vele organisaties die dichtbij de slachtoffers van dit type geweld staan.

“Stap 1 Preparatie van het project is gestart! “

Met een ‘onderhoudsploeg’ waar deze collega’s in zitten, zijn de discussies, verdiepende gesprekken gestart. En ik kan alleen maar zeggen dat dit een geweldige groep met een super constructieve houding is. Soms kom je tegen dat het een soort ‘welles nietes’ wordt, maar hier bleef respect voor elkaar en konden we ook samen constateren dat dit onderwerp zo enorm aan het bewegen is. En daarmee bedoel ik dat het niet zo maar duidelijk is wat nodig is, het is een zoektocht vanuit ervaringen, bestaande praktijken dat niet echt lijkt te werken. En hoe past dit dan in onze Nederlandse manier van werken in de aanpak van huiselijk geweld?

“Dit is geen eenvoudig ‘recht-toe recht-aan’ project?”

Ondanks weinig ruimte bij de organisaties om een verbetering in de praktijk actief te gaan proberen, zijn er gelukkig toch regio’s die dit aan willen gaan. Er is gekozen voor een specifiek afstemmingsmoment in de aanpak, het actie-gericht-overleg. Samen met de onderhoudsploeg is er een spiekbrief gemaakt om de materie een handvat te geven. En deze is samengesteld uit de vele documenten die op dit thema al beschikbaar zijn. Het was voor mij vooral reflecteren op de hoe de regio’s dit oppakken en welke ervaringen zij naar voren brengen.

“Acht weken om de praktijk met deze nieuwe inzichten te testen.”

En wat gebeurde er veel in die praktijktesten; natuurlijk niet alleen op het gebied van psychisch geweld. Zo is er inzicht gekomen in het functioneren van dit actie-gericht-overleg, maar ook in de overdracht tussen de afstemmingsmomenten bij eigenlijk alle huiselijk geweld zaken. De resultaten zijn verzameld en de voorbereidingen voor de ‘ontknopingsbijeenkomst’ was in volle gang. Tussentijds was ik met heel veel professionals in gesprek op dit onderwerp en mij bekroop toch een onderbuikgevoel…het schuurde, het klopt niet. Er is iets meer fundamenteels aan de hand met dit onderwerp. Eerst maar eens met de vele betrokkenen in gesprek op de bijeenkomst, hoog in de toren van Den Haag, uitkijkend over de prachtige zee. Daar hebben we heel veel bereikt door de uitkomsten in relatie te plaatsen van wat nodig is. En toch….

“Wat is dat onderbuikgevoel nou toch?!”

Met veel dank aan Iris Peperkamp en Jessica Terwiel heb ik mij ondergedompeld in de vele onderzoeken die in Nederland, maar ook in het buitenland op dit thema beschikbaar zijn. Mij laten inspireren door de zoektocht van Engeland, Schotland en Belgie; zij zijn ons al voor gegaan in het strafbaar stellen van dit geweld, maar ook in het inbedden in een groter geheel. En één ding was mij heel snel duidelijk en eerlijk gezegd ben ik ook erg geschrokken. Er is echt wat fundamenteel iets anders nodig.

“Fundamentele ander werkwijze nodig!”

We luisteren met zijn allen echt te weinig naar die onderzoeken. Nou ja, we luisteren wel, maar weten dit dus in mijn ogen onvoldoende te vertalen naar concreet beleid en uitvoering. Die spiekbrief uit het project?! Nee, dat is niet het juiste middel. Ja, het voldoet aan een behoefte, maar is niet wetenschappelijk onderbouwd en kan daarmee dus onbedoeld verkeerd handelen te weeg brengen. Een periode van schrijven, bijschaven, herschrijven, nog meer onderbouwen brak aan. En ik kan met alle oprechtheid zeggen dat dit gewoon een pijnlijk proces is geweest. Het is complex en ik heb het dilemma zo ingevoeld. Aan de ene kant moeten we echt gaan luisteren wat de slachtoffers nodig hebben. Maar aan de andere kant de roep van de professional voor handvatten. Het was en is nog steeds voor mij een ingewikkeld dilemma. Het concept is besproken en gewogen door velen en ik kan mij alleen maar gelukkig prijzen dat ik vooral constructieve feedback heb ontvangen. En in het bijzonder bij die mensen die ‘aan’ staan. Het is te flauw voor woorden, maar als je het ziet, sta je ‘aan’. Dan is het geen ‘rocket science’. Voor degene die daar nog niet zijn is het een weerbarstige en bijna niet te doorgronden materie, waarbij de opmerking; ‘doe niet zo moeilijk’ te horen is.

“Maak toch gewoon een routekaart!”

De roep naar handvatten is zo begrijpelijk, maar doe het niet. Maak geen routekaart, stappenplan. Dwingende controle is vooral een machtsdynamiek dat bestaat uit gedragingen die patroonmatig zijn. Dat moet je eerst leren herkennen, erkennen en duiden. Wat nodig is, staat beschreven in mijn rapport dwingende controle – onder de oppervlakte – onzichtbaar geweld zichtbaar maken. Lees dit, op je gemak en laat het je raken! Zorg dat je ‘aan’ staat, dan kunnen we verder praten over concrete vervolgstappen. En laten we dat vooral doen…Een nieuw perspectief op dwingende controle en dat hand in hand met een methodiek dwingende controle. Dan volgen de instrumenten en handvatten…first things first.

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2025/11/17/rapport-dwingende-controle-onder-de-oppervlakte-onzichtbaar-geweld-zichtbaar-maken

Lees ook: Eveline – recht door zee